Ollongren: uitspraken over boerkaverbod prematuur

Ollongren: uitspraken over boerkaverbod prematuur
Rutte: boerkaverbod geldt ook in grote steden
Het boerkaverbod zal voor iedereen gelden, dus ook in de grote steden. Premier Rutte zegt dat in reactie op het nieuws dat grote steden de handhaving niet zien zitten. “Laten we de wet eerst maar eens invoeren. Dan zullen de grote steden zien dat die ook voor hen geldt.”

Minister Ollongren van Binnenlandse Zaken noemt de stellingname van de gemeenten eveneens voorbarig. Ze zegt nog volop in gesprek te zijn met allerlei partijen over de invoering van de wet. Op 1 januari zal het nog niet zover zijn. Maar het kabinet is duidelijk: als het verbod ingaat, dan geldt: wet is wet.

De serviceafdeling is te bereiken op telefoonnummer 088-0561533. De servicepagina kunt u hier vinden.Klik hier om direct de digitale krant te lezen.

Dit weekend liet burgemeester Halsema weten dat Amsterdam het verbod niet gaat handhaven. Ook Rotterdam en Utrecht zeiden vervolgens dat het verbod geen prioriteit heeft.

Volgens Halsema zijn er te weinig agenten in Amsterdam. Als er dan prioriteiten worden gesteld, staat handhaving van het boerkaverbod onderaan de lijst, zo zegt ze.

Er zijn uitzonderingen op het verbod, maar in bijvoorbeeld openbare gebouwen en scholen geldt het straks wel. De fractievoorzitters Dijkhoff en Buma van VVD en CDA zeggen dat daar “wet wet is”.

“In iedere gemeente moet de wet worden gehandhaafd, burgemeesters zijn ingehuurd om de wet te handhaven”, zegt Buma. “Om te zeggen bij een nieuwe wet: dat is niet wat we gaan handhaven, dat moeten burgemeesters niet doen”.

D66 was tegen het boerkaverbod, maar nu de wet is aangenomen zal iedereen zich eraan moeten houden, zegt fractievoorzitter Jetten. “Burgemeesters hebben natuurlijk een eigen verantwoordelijkheid voor het inzetten van de politiecapaciteit, maar burgemeesters moeten zich ook allemaal aan de wet houden.”

De wet werd in juni aangenomen en regelt een verbod op gezichtsbedekkende kleding in het onderwijs, openbaar vervoer, scholen en overheidsgebouwen.

Het gaat om een wettelijk verbod op het dragen van kleding die “het gezicht geheel bedekt of zodanig bedekt dat alleen de ogen onbedekt zijn, of onherkenbaar maakt”.

Er zijn enkele uitzonderingen. Het verbod geldt niet, indien het dragen van deze kleding noodzakelijk is ter bescherming van het lichaam in verband met de gezondheid of de veiligheid.

Het geldt niet als het noodzakelijk is in verband met eisen die aan de uitoefening van een beroep of de beoefening van een sport worden gesteld, of passend is in verband met het deelnemen aan een feestelijke of een culturele activiteit. Verder geldt het verbod niet voor patiënten of hun bezoekers in delen van zorginstellingen, omdat deze kunnen worden gezien als het privédomein.

Minister Kajsa Ollongren maakt nog geen haast met de invoering van het boerkaverbod. De wet is in juni al aangenomen, maar er zijn nog geen gesprekken gevoerd over hoe de wet moet worden gehandhaafd.

Het boerkaverbod werd in juni in de Eerste Kamer aangenomen. Het wetsvoorstel verbiedt het dragen van gezichtsbedekkende kleding in onderwijs- en zorginstellingen, overheidsgebouwen en in het openbaar vervoer. Wie zich niet aan het verbod houdt, riskeert een boete van 410 euro.

Naar schatting telt Nederland ongeveer 150 boerkadraagsters en een paar honderd draagsters van een nikab.

Het verbod is, vijf maanden later, nog niet ingegaan omdat nog overleg moet worden gevoerd over de uitvoering van de wet. Het gaat dan om onderwijs- en zorginstellingen en vervoerdersbedrijven als de NS. Die wachten nog op een uitnodiging voor een gesprek, blijkt uit rondgang van RTL Nieuws

Het ministerie laat desgevraagd weten dat de voorbereidingen wel degelijk in gang zijn gezet. De verschillende Haagse departementen zijn hierover met elkaar in gesprek. De invoering van het boerkaverbod zal in ieder geval niet voor 1 januari zijn. Het eerstvolgende moment dat het boerkaverbod in kan gaan is 1 juli. 

Een paar grote gemeenten hebben intussen al laten weten dat zij het boerkaverbod geen prioriteit gaan geven. “Ik vind het zo niet bij de stad passen”, zei de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema vrijdagavond.

Ook Utrecht en Rotterdam willen het boerkaverbod geen prioriteit gaan geven. De gemeente Eindhoven wijst er op dat de capaciteit voor handhaving nu al tekort schiet. Daarom voorziet burgemeester Jorritsma dat het handhaven van het boerkaverbod niet de hoogste prioritering zal kunnen geven.  De gemeente Gouda ziet dat ook zo.

Uit navraag bij de G32, het netwerk van (middel)grote steden, blijkt dat het probleem rondom de boerkas niet speelt.

Minister Ollongren noemt de uitspraken van gemeenten als Amsterdam prematuur omdat ze nog in gesprek is over de uitvoering van de wet. Premier Rutte zegt in een reactie dat we eerst het besluit moeten invoeren. “En daarna ga ik ervan uit dat iedereen zich aan de wet houdt”, zegt de premier.

D66-leider Rob Jetten verdedigt de lijn van zijn minister Ollongren, ook van D66. De drie andere partijen in de coalitie zijn duidelijk: “Ook burgemeesters moeten zich aan de wet houden.”

De PVV wil weten waarom het invoeren van het boerkaverbod zo lang duurt en gaat hierover vragen stellen aan minister Ollongren. 

Politiek commentator Frits Wester stelt dat Halsema voortijdig een enorme discussie heeft losgemaakt: “Ze schoot wel heel gemakkelijk uit de heup met de stelling dat zij het verbod in Amsterdam niet gaat handhaven. Natuurlijk gaat een burgemeester samen met politie en OM over de prioriteiten bij de opsporing in zijn of haar gemeente.”

Dat handhaving van het boerkaverbod niet bovenaan het lijstje staat in tijden van schaarste bij de politie is begrijpelijk, zegt Wester. “Maar dat is iets anders dan de boude bewering de wet sowieso niet te handhaven.”

NS: “Dat het verbod nog niet van kracht is, is de reden dat het te vroeg is om daar nu verder op in te gaan.”

RET- Rotterdam: “Wij zijn niet bij de gesprekken met het ministerie, wij spreken met de driehoek. Wij lopen niet vooruit of we het verbod gaan handhaven. We stemmen het af met de driehoek.”

Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen: “Ik weet niet of we bij die gesprekken betrokken zijn. Ik weet wel dat het vrij onmogelijk is om een patiënt met boerka te onderzoeken. Als patiënt ontkom je er niet aan de boerka uit te doen, anders kunnen we je niet behandelen. Maar ik heb nog nooit gehoord dat dit problemen oplevert.” 

Koninklijk Nederlands Vervoer, sectie Openbaar Vervoer: “De gesprekken moeten nog steeds plaatsvinden. Juist rondom handhaving, opvolging, rolverdeling, gezag en politie, moeten werkafspraken gemaakt worden. We wachten nog op een uitnodiging voor de gesprekken.” 

PO-raad (basisonderwijs): “Wij zitten niet aan tafel en we zijn niet betrokken bij de gesprekken. Wat ons betreft zijn scholen prima in staat hier zelf met ouders afspraken over te maken.”