Automobiliste rijdt zichzelf klem in Apeldoornse parkeergarage

Minister De Jonge van Volksgezondheid gaat binnen een maand een „indringend gesprek” voeren met de organisatie die zelfmoordpoeders verspreidt.

De bewindsman heeft „een ongemakkelijk gevoel” over de verspreiding van het poeder, zo stelde hij dinsdag tijdens het wekelijks mondelinge vragenuur in de Tweede Kamer. SGP-fractievoorzitter Van der Staaij riep De Jonge naar de Kamer en zou graag zien dat de minister nu al in gaat grijpen. De Coöperatie Laatste Wil verspreidt momenteel onder zo’n 300 belangstellenden een poeder waarmee ze zelf een eind aan hun leven kunnen maken.

De Jonge kan zich de afkeer van de SGP’er goed voorstellen, maar volgens hem kan de coöperatie pas worden vervolgd als er een strafbaar feit is gepleegd. De bewindsman noemde de plannen „zeer ongewenst, over het randje van verantwoord en mogelijk ook strafbaar.” Over de uitkomst van het gesprek zal De Jonge de Kamer informeren.

Gesprek met verspreider suïcidepoeder

Minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid gaat „een indringend gesprek” voeren met de verspreider van een dodelijk poeder onder mensen die een eind aan hun leven willen maken. Maar deze Coöperatie Laatste Wil (CLW) kan pas vervolgd worden als er echt een strafbaar feit is gepleegd, stelt De Jonge.

De Jonge spreekt verspreider suïcidepoeder aan

SGP-leider Kees van der Staaij wilde van De Jonge weten of die niet kan ingrijpen. Hij vroeg zich vertwijfeld af of „er dan eerst doden moeten vallen”. Dat „ongemakkelijke gevoel” deelt De Jonge naar eigen zeggen met de SGP-voorman. Hij noemde de plannen van CLW „zeer ongewenst, over het randje van onverantwoord en mogelijk ook strafbaar”. Maar of het nodig is de wet te wijzigen om de praktijken van de Coöperatie te kunnen aanpakken, zoals Van der Staaij opperde, valt volgens De Jonge nog te bezien.

De voorgangers van De Jonge hebben de Coöperatie al gewaarschuwd dat die zich aan een strafbaar feit dreigt te bezondigen. De Jonge gaat met de organisatie praten om die waarschuwing nog eens te onderstrepen.


Apeldoorn at Twitter: