Nieuwe Vogelatlas gepresteerd in Apeldoorn: zeearend kwam, ortolaan weg

De vogelwereld in Nederland is de afgelopen veertig jaar behoorlijk op zn kop gezet. Dat blijkt uit het veldwerk van 2000 vogelaars. In de nieuwe Vogelatlas maken ze de balans op en beschrijven ze 369 vogelsoorten die in Nederland voorkomen.

Tijdens het broedseizoen zijn er ongeveer evenveel vogels in ons land als veertig jaar geleden. Alleen is de samenstelling van de vogelbevolking drastisch veranderd.

Ondanks deze nieuwkomers spreken de onderzoekers van een verarming. De samenstelling van vogelgemeenschappen in de verschillende regio’s gaat steeds meer op elkaar lijken. Dit komt doordat een aantal kwetsbare, aan bijzondere landschappen gebonden vogelsoorten is verdwenen, zoals de klapekster, duinpieper en ortolaan. Tegelijkertijd duiken enkele algemene soorten nu overal op, zoals de grote bonte specht en de boomkruiper. Hierdoor worden de verschillen binnen Nederland kleiner.

Samenstelling vogelbevolking in 40 jaar spectaculair op zn kop

De klapekster, de duinpieper en de ortolaan zijn als broedvogel vrijwel verdwenen. Maar vogelaars noemen de zee- en visarend, de wilde zwaan en de kraanvogel als spectaculaire nieuwkomers. Ook grote zilverreigers en slechtvalken zijn van sporadische dwaalgasten doodnormale verschijningen geworden.

De nieuwe Vogelatlas is het meest actuele en betrouwbare naslagwerk over de Nederlandse vogelbevolking tot nu toe. De verzamelde gegevens vormen een belangrijk ijkpunt voor natuurbeleid en -beheer. Fred Wouters van Vogelbescherming Nederland: “De objectieve data van Sovon zijn van onschatbare waarde voor ons beschermingswerk. Dankzij dit geweldige naslagwerk, waar al die duizenden tellers aan bijgedragen hebben, kunnen wij ons beschermingswerk effectiever en beter maken.”

Ondanks de nieuwkomers signaleren onderzoekers toch een verarming in het totaal aantal soorten. Vogelgemeenschappen in verschillende regios gaan steeds meer op elkaar lijken. Soorten zoals de grote bonte specht en de boomkruiper duiken overal op. Hierdoor worden de verschillen in Nederland kleiner.

In de atlas is goed te zien hoe de veranderde inrichting van ons land de afgelopen veertig jaar veel effect heeft gehad op de vogels. Vogels moeten zich steeds weer aanpassen aan veranderingen in ons landschap, aan klimaatverandering en de omstandigheden op de trekroutes.

Vooral broedvogels in het boerenland hadden het zwaar de afgelopen decennia. Was in 1975 de helft van de broedvogels nog boerenlandvogel, nu is dat minder dan 20 procent. De oer-Hollandse grutto, in 2015 nog gekozen als onze nationale vogel, is dramatisch achteruitgegaan. Ook de patrijs gedijt het best in akkerland, vooral als dat wordt afgewisseld met ruige dijkjes, slootranden en houtwallen. Maar door de schaalvergroting in de landbouw is het aantal patrijzen enorm afgenomen.

Volgens het kenniscentrum over Nederlandse vogels Sovon, dat de atlas heeft samengesteld, is het door de enorme hoeveelheid verzamelde data over vogels en hun verspreiding mogelijk om ze in de toekomst beter te beschermen.

De Vogelatlas wordt vandaag gepresenteerd op de Landelijke Dag voor alle actieve vogelaars in Nederland. Het is een bedankje aan de ruim 2000 vrijwilligers die in hun vrije tijd vogels hebben geteld voor de atlas.

De serviceafdeling is te bereiken op telefoonnummer 088 – 013 9960. De servicepagina kun je hier vinden. Klik hier om direct de Krant.destentor.nl te lezen.