Woonwagenbewoners winnen kort geding tegen gemeente Nissewaard

Een groep woonwagenbewoners mag van de rechter voorlopig blijven op de standplaats in Spijkenisse waar ze enkele weken geleden hun caravans hebben neergezet. De gemeente Nissewaard wilde de groenstrook ontruimen, maar de rechter hield dat tegen. De uitspraak kan ook gevolgen hebben in andere gemeenten.

De caravans staan op de standplaats aan de Clara Visserstraat als protestactie tegen het gemeentebeleid voor woonwagens. Op dezelfde plek stonden in het verleden al woonwagens en er zijn voorzieningen voor stroom en riolering. De gemeente Nissewaard stelt dat de woonwagenbewoners er indertijd uit zichzelf zijn vertrokken, waarna het bestemmingsplan voor de plek is aangepast en er niet langer mensen mogen wonen.

Volgens de woonwagenbewoners zijn ze niet uit vrije wil vertrokken. Ze willen weer terug. Op de alternatieve locatie is volgens hen geen plek. Ze zeggen dat Nissewaard wil dat ze naar andere gemeenten verhuizen.

Tot afgelopen zomer probeerden veel gemeenten het aantal standplaatsen voor woonwagens terug te brengen tot nul. Het College voor de Rechten van de Mens en de Nationale Ombudsman oordeelden dat dit uitsterfbeleid in strijd was met de wet. In juli bepaalde minister Ollongren van Binnenlandse Zaken dat gemeenten daarom meer ruimte moeten bieden aan woonwagenbewoners.

Het woonwagenkamp van de sinti in Spijkenisse mag blijven staan. De gemeente wilde het kamp slopen, maar de rechter geeft daar geen toestemming voor. De bewoners begonnen spontaan te zingen na de uitspraak: "Wij vechten voor onze rechten".

Volgens de woonwagenbewoners hebben ze door het nieuwe beleid recht op meer standplaatsen in de gemeente Nissewaard, waaronder de plek van de protestactie.

De Sinti zijn hun actie begonnen omdat de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in juli van dit jaar een nieuw beleidskader voor gemeentelijk woonwagenbeleid heeft opgesteld. Volgens de Sinti volgt daaruit dat de gemeente Nissewaard maar ook andere gemeenten in Nederland nu snel meer woonwagenstandplaatsen ter beschikking moeten stellen. Omdat daar volgens hen nog weinig van terecht komt, voeren ze in het hele land actie door caravans te plaatsen op voormalige woonwagenstandplaatsen.

De rechter gaf geen oordeel over het toewijzen van deze standplaats. Maar omdat de caravans er staan als protestactie, mag de gemeente de plek niet ontruimen. De woonwagenbewoners zien de uitspraak dan ook als een tussenstap. “De strijd is nog niet gestreden. Dit hebben we gewonnen, maar de oorlog nog niet”, zegt een van hen.

Ook op tientallen andere plekken voeren woonwagenbewoners dergelijke bezettingsacties voor hun standplaatsen en deze uitspraak kan daarvoor gevolgen hebben. “De gedachtegang van de rechter kan aanknopingspunten bieden voor andere rechters die zon situatie moeten beoordelen”, zegt de rechtbank. “Als dit op andere plekken ook als betoging gebeurt, dus met spandoeken, en dat verloopt ordelijk, dan mag de gemeente niet op deze manier optreden.”

Een groep woonwagenbewoners mag voorlopig in Spijkenisse drie caravans en een woonwagen neerzetten op een voormalige woonwagenstandplaats. Dat heeft de voorzieningenrechter in Rotterdam bepaald in een kort geding dat de Sinti hadden aangespannen tegen de gemeente Nissewaard. Die wilde hen weg hebben van de groenstrook, omdat het plaatsen van woonwagens daar in strijd is met het bestemmingsplan.

De Sinti zeggen dat het om een betoging gaat, omdat ze vinden dat Spijkenisse en ook andere gemeenten te weinig plekken aanbieden voor woonwagens. Ze hebben spandoeken opgehangen om aandacht te vragen voor hun positie. De rechter vindt ook dat het om een betoging gaat en die kan niet zomaar worden beëindigd. Dat mag alleen als het protest leidt tot problemen, onder meer met het verkeer, of gezondheidsrisico's oplevert en daarvan is volgens de rechter geen sprake. Ook in andere plaatsen in Nederland voeren woonwagenbewoners actie. Ze wijzen op nieuw kabinetsbeleid dat erop aanstuurt dat gemeenten voldoende plekken aanbieden voor Sinti, Roma en woonwagenbewoners. (ANP)